Landelijke aanpak bewegingsonderwijs op basisscholen

9 september, 2022

Op nationaal niveau is het de ambitie dat ieder kind recht heeft op een goede motorische ontwikkeling in een veelzijdige beweegcontext. In tijden van corona kwam deze ambitie behoorlijk onder druk te staan in het onderwijs en de sport. Voor nu en in de toekomst is het van belang weer serieus werk te maken van deze ambitie. In het basisonderwijs geldt vanaf schooljaar 2023-2024 dat er twee lesuren bewegingsonderwijs per week worden aangeboden door een vakleerkracht. In zijn column in het tijdschrift Sportaccomm van juli 2022 laat Remco Hoekman, directeur van het Mulier Instituut, zien dat het voor basisscholen een uitdaging is om dit te organiseren. Niet alleen een tekort aan sportaccommodaties maakt het uitdagend, ook het inpassen in het overvolle rooster met beperkte beschikbaarheid van vakleerkrachten is allesbehalve eenvoudig. Waar, hoe en door wie is samenvattend de forse opgave voor het primair onderwijs.

 

In eerder onderzoek van Mulier bij 172 gemeenten blijkt dat 1 op de 3 gemeenten beschikt over te weinig indoor sportaccommodaties om de verplichte 2 lesuren per week bewegingsonderwijs te kunnen faciliteren vanaf de ingangsdatum augustus 2023. Inmiddels is het onderzoeksrapport van Mulier in het bezit van de Tweede Kamer. Het Ministerie van OCW heeft bij monde van onderwijsminister Dennis Wiersma laten weten, te streven naar oplossingen voor dit accommodatieprobleem op lokaal niveau. CIOSNL heeft er het volste vertrouwen in dat de juiste sportfaciliteiten tijdig in voldoende mate beschikbaar zullen zijn.

 

Volgens CIOSNL zal het aantal benodigde vakleerkrachten het obstakel zijn. Niet waar, maar door wie zal de grootste hoofdbreker zijn voor basisscholen. Laatst becijferde KVLO dat er vacatures voor 200 voltijds vakleerkrachten bewegingsonderwijs komen om genoemde ambitie vanaf schooljaar 2023-2024 waar te kunnen maken. Volgens de verwachting van KVLO zal de problematiek van onvervulde vacatures na drie jaar nog steeds niet zijn opgelost. CIOSNL schat in dat de personele uitdaging nog veel groter is. Bijvoorbeeld Sport Zeeland komt in hun berekeningen al uit op een aantal vacatures van 100 voltijds vakleerkrachten voor de provincie Zeeland. In de ogen van CIOSNL zullen oplossingen niet alleen moeten worden gezocht op een lokaal niveau, maar vraagt dit om een landelijke aanpak. Graag wil CIOSNL een overleg initiëren met landelijke partners zoals PO-raad, KVLO, NOC*NSF, VNG en VSG om te bespreken hoe afgestudeerde CIOS’ers ingezet kunnen worden als beweegspecialisten op basisscholen. Naast hun huidige rol als sport- en beweegprofessionals bij het voor- tussen- en naschools sport- en beweegaanbod, kunnen zij ook onder toezicht van een vakleerkracht het bewegingsonderwijs verzorgen. Laten we snel deze problematiek gezamenlijk oplossen. 

 

Ieder kind heeft immers recht op goed te leren sporten en bewegen.